MENUMENU

Om de dooie dood nie

Afscheid nemen doe je beetje bij beetje. En soms nooit.

“Ik ben om de dooie dood nie bang voor de dood,” giechelt ze om haar eigen grap. Onder die grap zit een serieuze ondertoon. Ze is ongeneeslijk ziek. Ze wandelt graag met haar hond. Ze geniet van de natuur. Regen of zon, het maakt haar niet uit, als ze maar even naar buiten kan met Mirko. De oude labrador draait af en toe zijn kop naar ons toe, alsof hij haar in de gaten houdt.

Beetje bij beetje levert ze in. Ze loopt stram. Haar lichaam helt wat over naar rechts. De artsen hebben haar vijf jaar geleden de diagnose ongeneeslijk ziek en nog maar kort te leven gemeld, maar ze is er nog . En dat er nog altijd zijn geeft haar kracht, vertelt ze me. Al is er altijd dat besef dat hoe meer tijd ze krijgt, ook de dood dichterbij komt.”Ik houd zo van het leven.”

Eeuwigheid

Ze is nog steeds mooi met haar donkerbruine ogen met twinkelende lichtjes en donkerbruine pruik met zilveren glans. De kapper heeft er wat grijs in aangebracht, ze wil het zo natuurlijk mogelijk hebben. Ze lijkt langer, omdat ze slank is. ‘Vroeger was dat wel anders, ik had best een bol buikje,’ glimlacht ze. “Soms vragen mensen die niet weten dat ik ziek ben wel eens, hoe blijf je toch zo slank, en dan antwoord ik af en toe: Kanker!” Schokkend voor sommige vraagstellers, maar het is ook wel voor te stellen dat dit soort vragen pijnlijk of vermoeiend kunnen zijn.

Ze gaat niet vaak meer naar de kerk. Dat is te vermoeiend. Het is een behoorlijk eind rijden. In haar omgeving sluiten veel kerken de deuren. Ze mist het wel, maar maakt van haar eigen omgeving ‘heilige grond’. In de woonkamer staat een tafeltje met daarop een Mariabeeld met een waxinelichtje ervoor, dat altijd brandt wanneer ik er ben. Een beeld van de Heilige Franciscus en mooie ansichtkaarten heeft ze rond Maria geplaatst. Ik herken de kaart met de mooie Maria van Altijddurende Bijstand, die ook bij mij thuis staat. Die zonder opsmuk, Maria als moeder, zonder kroon. “Dat Altijddurend, daar houd ik me aan vast. De belofte dat niets zomaar verdwijnt. Zonder te weten. Gewoon. Geloven.” Ze zwijgt en raakt de kaart even aan. “Koffie?”

De as

Haar Brabantse ‘om de dooie dood nie’ is blijven hangen. De dooie dood, nee, daar is ze niet bang voor. Ze is nieuwsgierig naar wat er na dat lichamelijke sterven komt, omdat ze vol vertrouwen gelooft in verder. Wat en waar dat dan ook mag zijn. Ze bidt niet veel, maar haar mantra is een keer of vijf per dag: ‘Dank U’. Moet ik ook vaker doen, gewoon danken … Ik tast even naar het askruisje op mijn voorhoofd en denk aan haar. Haar as is uitgestrooid.

Mijn dagboek gaat terug in de lade. Deze week is het drie jaar geleden dat ze gestorven is. Ik kijk uit het raam en merk dat ik haar zoek. Waar ben je? Kijk maar goed, echt goed kijken … Voel je me? … Ze heeft haar eigen plaatsje in mijn hart en dat koester ik. Ik zal haar nooit vergeten. Om de dooie dood nie.

Reageren

Reacties

Deel dit verhaal:
MijnKerk.nl

Geschreven door:

Zoeken:

Populaire berichten

Kaarsjes:
Bekijk meer kaarsjes
Steek zelf een kaarsje aan
Kaars