De verzamelaar

Een kort verhaal dat bewijst wat een impact de oorlog heeft, zelfs jaren nadien...

Juni 1993

De dozen vol sigarenbandjes, postzegels, munten en treinen staan al zo’n vijftig jaar doelloos opgestapeld op de zolder van mijn ouderlijk huis. Moeder heeft het nooit kunnen opbrengen om mijn vaders verzamelingen uit te zoeken. Nu zij er ook niet meer is, rest mij die taak.

Herinneren

Een snelle berekening levert me het bewijs dat het in augustus inderdaad precies vijftig jaar geleden is dat mijn vader, Kees Verduin, verdween uit ons leven. Opgepakt door de Duitsers en afgevoerd naar een concentratiekamp, samen met het Joodse echtpaar, dat destijds tijdelijk bij ons was ondergedoken.
Op datzelfde moment waren moeder en ik in onze grote tuin. Toen moeder onraad had geroken, was ze met mij in haar armen het bos ingerend, dat aan onze tuin grensde. Urenlang hebben we ons daar schuilgehouden.
Ik was amper twee jaar oud en kan het me niet herinneren. Trouwens ook mijn vader herinner ik me niet; hem ken ik slechts van de trouwfoto die boven het dressoir hing. Een verliefd, jong paar. Beiden blond, lang en slank. Uiterlijk lijk ik op geen van beiden.
‘Die zijn er niet, Anna,’ zei moeder steevast, als ik haar naar meer foto’s vroeg. ‘Het was er de tijd niet naar.’

Foto

Al peinzend sorteer ik de dozen op zolder. Vader was nog maar drieëndertig jaar toen hij stierf, maar wat een waardevolle spullen liet hij na. Het is alsof iedere verzameling weer een nieuwe kant van hem belicht. Neem nou zijn postzegelverzameling. De precisie waarmee de zegels gerangschikt zijn, zegt me genoeg. Net als deze secuur beschilderde treinwagon.
‘Hierin lijk ik ook niet op jou, pap,’ mompel ik, ‘je moest eens weten wat een sloddervos ik ben en hoe onhandig…’
Net als ik me afvraag waarom ik de dozen niet veel eerder geïnspecteerd heb, stuit ik op een prachtig handgesneden sigarenkistje. Voorzichtig open ik het deksel, in de veronderstelling er de verzameling sigarenbandjes aan te treffen. Maar op het roodfluweel ligt iets wat mijn adem doet stokken…
Nerveus neem ik de vergeelde foto uit het kistje. De foto is genomen in onze tuin op het bankje bij de oude eik, zie ik meteen, maar de twee mensen herken ik niet. Het kind op de arm van de man, komt me wel enigszins bekend voor. Het schiet me alleen niet te binnen waarvan.
Op de achterkant van de foto staat, in schuin handschrift, geschreven: Joseph, Rebecca en Anna Cohen – augustus 1943.
Anna? Augustus 1943? Vol ongeloof kijk ik nog eens goed naar het meisje op de foto. Een meisje van amper twee jaar met donkere krullen en oorknopjes…

Anna

Het koude water stroomt over mijn polsen, terwijl ik in de spiegel boven de wasbak in mijn ogen staar. Bruine ogen, nu met fijne lijntjes. Ik strijk mijn donkere krullen, doorweven met zilvergrijs, achter mijn oren met de gouden oorknopjes, die ik mijn levenlang al draag.
‘Niet Anna Verduin, maar Cohen. Anna Cohen,’ fluister ik tegen mijn spiegelbeeld. En nog eens zeg ik mijn naam en nog eens. Steeds harder.

@irma moekestorm

3 reacties op “De verzamelaar
  1. Geesje Geesje schreef:

    Wauw…mooi Irma! Is het een verzonnen verhaal (zoals er waarschijnlijk vele echte verhalen zo zullen zijn) of heb je het van iemand gehoord? Prachtig en ontroerend…

    • Avatar Irma Moekestorm schreef:

      Dank je wel, Geesje. Het heeft wel een kern van waarheid, maar het meeste heb ik verzonnen. Leuk om je reactie hier te lezen!

  2. Avatar John Sas schreef:

    Wat een mooie blog Irma. Het doet mij direct denken aan het waar gebeurde verhaal van de vader van mijn beste vriend …

Deel dit verhaal:
Gastblogger

Geschreven door:

Thema: Blog
5 mei 2017
Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Krijg wekelijks inspiratie en praktische tips over geloof in je dagelijks leven in je mailbox.
Wij zullen je gegevens niet aan derden doorgeven.
Nieuwsbrief