MENUMENU

“Er moet licht komen”

Tegenwoordig, als ik op maandagochtend de deur uitga, is het donker. Stikdonker. Nacht nog, voor mijn gevoel. En ergens knaagt er dan een gevoel van onrecht: “Ik zou me nog wel even om willen draaien”. Of: “Man, man, man, wat lag ik toch lekker!”

Donkerte, daar kunnen we niet veel mee. In het donker kun je de dingen niet goed zien. Letterlijk niet, maar ook figuurlijk niet. Als ik in de auto – in het donker – naar mijn werk rijdt, kan ik me maar moeilijk voorstellen dat vandaag wel eens een heerlijke dag zou kunnen worden. Daar is het nog veel te veel nacht voor.

Het eerste dat God in de Bijbel doet is een einde maken aan het donker. “Er moet licht komen”, zei God, en het werd licht (Genesis 1:3). Natuurlijk, er is nog wel donker, maar nu staat er het licht tegen over. Zo is iedere dag een soort schepping in het klein.

Het licht verdrijft de duisternis. Langzaam schijnen de tl-balken hierbinnen weer in pas met de opkomende zon buiten. God doet het licht weer over mijn leven schijnen. En terwijl ik dit zit te typen en al trek krijg in mijn eerste bak koffie, klinkt zachtjes de stem in mijn hart: “…de nacht zal oplichten als de dag, het duister helder zijn als het licht.” (Psalm 139:12).

Reageren

Reacties

Deel dit verhaal:

Geschreven door:

Zoeken:

Populaire berichten

Kaarsjes:
Bekijk meer kaarsjes
Steek zelf een kaarsje aan
Kaars