Levensvraag: God oké, maar wat moet ik nou met Jezus?

Veel mensen geloven wel in ‘een god’; er moet tenslotte wel ‘iets’ zijn. Er wordt veel gebeden, zowel binnen als buiten de kerk. Geloven in God, in een god, lijkt niet echt dwaas of vreemd te zijn.  Het moeilijke punt is Jezus. Geloof in Jezus maakt het christendom anders dan andere godsdiensten. Voor dat geloof deinzen mensen terug. Maak ik het dan niet allemaal erg ‘bijzonder’? Ook binnen de kerk zeggen mensen wel iets met God te hebben, maar weinig met Jezus. Jezus laat zien wie God is.

 

Kan ik niet in God geloven zonder Jezus erbij? Waarom moet Jezus zonodig? Geloven in ‘god’ kan nog van alles betekenen. Over welke god hebben we het dan? Een god die liefde is? Of een god met wie het alle kanten op kan gaan? Een god die ook dreigend is, die misschien grillig is of willekeurig, of een god die in feite samenvalt met het lot, met dat wat is en gebeurt in de wereld? Misschien wel een god die wreed is en kinderoffers vraagt? Nee, dat niet, zullen veel mensen onmiddellijk uitroepen. Een liefdevolle god! Ja, maar hoe weet je dat god liefde is? Waar haal je dat vandaan? De christenen antwoorden: omdat we Jezus kennen, Hij laat het ware gezicht van God zien. ‘Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft hem doen kennen.’ (Johannes 1:18) Als je wilt weten wie God is: kijk naar Jezus. Jezus is zijn evenbeeld, schrijft de Hebreeënbrief. Sprekend de Vader!

Zijn leven, zijn dood, zijn opstanding

Jezus laat zien wie God is. Hij doet dat in zijn leven met woorden en daden. Woorden over het Koninkrijk, over liefde, vergeving, over leven zoals dat past bij Gods bedoelingen. Daden die dat laten zien: genezingen naar lichaam en ziel. Zijn leven eindigt aan een kruis. Hij sterft als misdadiger, veroordeeld door mensen. Toch is dat niet het einde. Zijn dood blijkt méér te zijn dan een roemloos einde. In zijn dood herstelt God de relatie tussen de mensen en zichzelf. Dat wordt duidelijk als Jezus na drie dagen verrijst uit het graf. Hij leeft. Hij verschijnt aan de leerlingen, de beweging naar het Koninkrijk is niet gestopt. De dood is overwonnen, de vrede tussen God en mensen geeft aan iedereen de kans om opnieuw te beginnen.

Wat zou jouw antwoord zijn?

Deze blog wil een handreiking zijn bij de levensvragen rondom geloof. Voor jezelf, voor de gesprekken met anderen. Als een bemoediging. Niet omdat op alles sluitende antwoorden te geven zijn.  Geloof zoekt woorden omdat we zelf iets gehoord hebben – en dat door willen geven. De antwoorden in deze blog zijn misschien niet jouw antwoorden. Ze zijn ook zeker niet compleet, zie ze als een ‘eerste aanzet’. Ze kunnen wel uitdagen tot bezinning: wat zou jouw antwoord zijn? 

Wat zou jouw antwoord zijn op de vraag: God oké, maar wat moet ik nou met Jezus?

Bron: boekje Met hart en ziel, 10 moeilijke vragen en hun antwoorden, Nynke Dijkstra-Algra.

 

2 reacties op “Levensvraag: God oké, maar wat moet ik nou met Jezus?
  1. Avatar Sipke Huizinga schreef:

    Jezus is voor mij een inspiratiebron. Hij leefde inderdaad naar Gods bedoeling. Voor mij is bijvoorbeeld de dienstbaarheid die Jezus liet zien een belangrijk thema. Hij waste als leraar en leider van de leerlingen hun voeten. De ultieme dienstbaarheid van Jezus is natuurlijk zijn sterven voor ons. Als iemand zijn leven geeft voor de gemeenschap, dan is dat wel de ultieme dienstbaarheid.
    Ik geloof dat we het doorgeven van de boodschap van Jezus door ons kunnen zien als het overwinnen van de dood. Ik geloof niet (meer) in een letterlijke opstanding na 3 dagen en dat wij na de dood ook nog verder gaan. Het doorgaan na de dood zal vooral zijn in de verhalen die mensen over je vertellen en hoe ze zich jou herinneren.
    Het is eigenlijk wel jammer dat het geloof in een leven na de dood voor mij niet meer bestaat. Het was wel troostvol. Maar het is niet anders.

  2. Avatar Abe Timmermans schreef:

    Ik vind dit erg moeilijk. Ik kom regelmatig in een moslim land (Tadzjikistan) en heb daar contact met moslims die zeer gelovig zijn. Als ik daar vertel dat ik ook in God geloof, niet in hun God maar als Christen, voel ik me toch erg verbonden met deze mensen. Zo voelen zij dat ook.
    Jezus zegt: niemand komt tot de van dan door mij. Als ik daar dan aan denk wordt ik daar erg verdrietig van en kan ik mij haast niet voorstellen dat deze mensen verloren gaan.

Deel dit verhaal:
Gastblogger

Geschreven door:

Thema: Blog
27 maart 2019
Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Krijg wekelijks inspiratie en praktische tips over geloof in je dagelijks leven in je mailbox.
Wij zullen je gegevens niet aan derden doorgeven.
Nieuwsbrief