MENUMENU

Loopfietsen, rolstoelen en hartjes, over helpen en hulpvragen

Afgelopen week was ik met mij gezin een avondje in de dierentuin. Onze zoon met reuma was door zijn kinderarts uitgekozen voor een speciale avond voor zieke kinderen en hun gezin. Wat hadden we er alle vijf zin in. Achter de schermen mogen kijken bij de olifanten, giraffen, haaien en een kijkje in de keuken bij de dierenarts. Overal gezinnen waarvan je weet dat er een ziek kind bij is soms zie je welke dat is, soms niet.

We hadden voor onze zoon zijn loopfiets meegenomen, omdat hij door zijn reuma niet zo lang kan lopen en staan. En zo ‘fietste’ hij 3 uur lang door de hele dierentuin. Tussen de hokken door, dwars door de jungle en langs de aquaria. Sommige ouders hadden een kind in een extra grote buggy, een rolstoel of op krukken. Die loopfiets was hier heel normaal.

Schaamte en begrip

Toen ik twee weken geleden onze zoon voor het eerst met de buggy uit school ging halen voelde ik me zo rot, ik schaamde me. Ik had het idee dat alle andere ouders me aan staarden. Want wie neemt zijn vierjarige nou nog mee in de buggy? En zeker als je nog geen 300 meter van school woont? Maar nu, in de dierentuin, was er niemand verbaasd, niemand keek ons na. Er waren alleen blikken van verstandhouding. Een moeder met een kind in een rolstoel keek me aan en ik las in haar blik, wat ze hopelijk ook in de mijne las: ik begrijp je, ik voel met je mee.
Ik realiseerde me in de dierentuin tussen al deze gezinnen met een ziek kind, dat het prima is als je hulp nodig hebt. Als je een loopfiets moet gebruiken, of een rolstoel, medicatie nodig hebt, of geregeld een therapeut bezoekt, het is oké.

We hebben allemaal periodes dat we moeite hebben om te blijven staan. Dat we het even niet redden. En dan kunnen we door blijven modderen, in de stilte. Maar we mogen ook God aanroepen. Hij heeft al onze haren geteld, niets is hem te klein. Hij maakte de hemel en de aarde, niets is hem te groot. Maar we mogen ook beseffen dat we als mensen Gods handen en voeten, zijn oren, ogen en stem op aarde zijn. We mogen andere mensen ook om hulp vragen, ervoor uit komen dat we hulp nodig hebben. We hoeven ons niet te schamen.

Zo klein is helpen, en zo groot

En op het schoolplein? Er kwam meteen een moeder naast me staan, die weet waar we doorheen gaan. Ze keek naar de buggy en naar mij. En in haar blik las ik: het is oké. Begrip. Een vriend van me die door een moeilijke tijd gaat zei eens: ieder hartje dat jij plaatst onder mijn facebook-berichtjes, dat doet me goed, dat laat me weten dat je aan me denkt. Zo klein is het, helpen, zo klein en zo groot.

Reageren

Reacties

Deel dit verhaal:
Geesje Jaakke-den Toonder

Geschreven door:

Zoeken:

Populaire berichten

Kaarsjes:
Bekijk meer kaarsjes
Steek zelf een kaarsje aan
Kaars