Op de rails

Eindelijk was de trein er. Ik stapte nog na rillend van het koude perron in en zoek een plekje? "Heb je hard gerend ofzo?" Ik keek achter me en zag een bekend gezicht. Eerlijk gezegd duurde het even voor ik doorhad waar ik haar van kende. "Ga je naar huis? Ik ook!" Een glimlach brak door op haar gezicht, en ineens wist ik het weer. Ik kende haar van de daklozenopvang waar ik tot een paar jaar geleden werkte. Ik was zelfs haar begeleider.

Gaat dat nog een beetje goed, enzo?

Toch altijd een beetje ongemakkelijk, om een oud-cliënt zo ‘in het wild’ tegen te komen. Maar het leek alsof ik daar meer last van had dan zij. Ze kwam naast me zitten en vertelde honderduit over haar nieuwe huisje, haar gezondheid, haar financiële situatie… Na een tijdje was ze even stil, keek naar de ring om mijn rechterhand en stelde vast dat ik dus inmiddels getrouwd moest zijn. “Gaat dat nog een beetje goed, enzo?” In de periode vlak voordat ik wegging had ik net een relatie, wat door de dames in de opvang met bijzonder veel belangstelling gevolgd was. Toen hij mee een keer op kwam halen na het werk, deelden ze me de dag daarna mee dat hij goedgekeurd was. Gelukkig maar.

Mijn gedachten gingen in sneltreinvaart door mijn hoofd. De afgelopen jaren zijn zo intens, zo moeilijk en zo heftig geweest. Ik kon haar oprecht zeggen dat het meer dan goed was met mij en die knappe man. Dat ik zelf heel ziek was geweest,  inmiddels een zorgintensief kind had, een ongeluk had gehad, dat mijn man een paar keer zijn werk was kwijtgeraakt en ik vooral blij was dat het leven eindelijk een weer een beetje gewoon begon te lijken, liet ik maar even in het midden.

Geven en ontvangen

Inmiddels ben ik meer dan bekend met beide kanten van de hulpverlening, de gevende en de ontvangende. Ik weet hoe het is om afhankelijk te zijn van beleid, formulieren, chagrijnige telefonistes. Hoe hard je soms moet zoeken naar de juiste persoon om je vraag te stellen. En hoe belangrijk het is om vrienden en familie te hebben die er voor je zijn. Ik had die. Zij niet. Maar toch heeft ze zich uit haar situatie geworsteld en vertelde ze hier trots over haar huisje, boompje en beestje. De hele coupé kon meegenieten. En zo zaten we daar, tot ik bij mijn station was. Allebei blij dat ons leven weer een beetje op de rails was.

Ook al was ik ooit haar hulpverlener, en zijn mijn cliënte, ik voelde me eventjes heel erg verbonden met haar.

“Je werk heeft dus wel zin gehad,” zei ze toen ik bij mijn station was, “dat wilde ik nog even zeggen.” En zo namen we afscheid. Misschien zitten we volgende week weer bij elkaar in de trein, misschien kom ik haar nooit meer tegen.

Reageren

Reacties

Deel dit verhaal:
Suzanne Struiksma

Geschreven door:

Zoeken:

Populaire berichten

Kaarsjes:
Bekijk meer kaarsjes
Steek zelf een kaarsje aan
Kaars