MENUMENU

De verte

"Ik zie de verte," zegt Josephine. We rijden in alle vroegte door de polder. Zij zit op de achterbank tussen broer en broertje in en verdraait haar nek om door de achterruit over de lege polderweg te kunnen kijken, helemaal tot aan de dijk, waarboven de zon inmiddels te zien is. "Ik zie áchter de verte," doet haar broer er gelijk een schepje bovenop. "Bergen, en bossen. En de zee."

“Wat is de verte?” vraag ik.

Dat de verte ook lijdend voorwerp kan zijn en dat je die dus, misschien, zou kunnen zien, is nieuw voor mij. Een idee dat me, plagerig bijna, wakker schudt uit de stroom van mijn eigen gedachten.

“Ik zie het,” herhaalt Josephine met klem, alsof ze zeggen wil, het ligt toch voor de hand, je ziet het zo, het is aan alle kanten om je heen. “Jaa…” zucht haar broer. Er klinkt een onbestemd verlangen in zijn stem. Naar zeerovers en schateilanden. Naar ridders en middeleeuwse kastelen. Naar verre avonturen. Naar landen ver van hier en lang vervlogen tijden. “Ja…” zucht hij nog eens. “Daar is het. De verte.”

Vol van verte rijden we verder, naar huis en naar ontbijten, en dan naar school.

Reageren

Reacties

Deel dit verhaal:
MijnKerk.nl

Geschreven door:

Zoeken:

Populaire berichten

Kaarsjes:
Bekijk meer kaarsjes
Steek zelf een kaarsje aan
Kaars