“Licht dat je aanstoot”

“Licht dat je aanstoot”

14 juni 2021 0

Bloemen groeien naar het licht. Op een natuurlijke manier maken zij zich iedere dag en ieder jaar los van het donker en de kou. Het is ingegeven door de natuur. Geldt dat ook voor de mens? Is het ook ons gegeven dat het altijd weer licht en lente wordt in ons leven? Dat is soms moeilijk voor te stellen. Gelukkig wordt het ons soms onverwacht zomaar aangereikt.

Afgelopen dagen werd ik gewekt door zingende vogels. Een onstuitbaar licht kwam achter de gordijnen vandaan. Later op de dag sprak ik met vrienden in de tuin en we dineerden op het terras. Dat zijn voor mij dagen goudomrand door de zon: bron van licht en leven. Ieder seizoen heeft zijn eigen pracht, kracht, verstilling, inkeer of mysterie. De natuur die ogenschijnlijk in oneindige cirkels ronddraait; eeuwigheid en vergankelijkheid onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een theoreticus zou dit misschien als zinloos kunnen bestempelen, maar voor mij is het tegendeel waar. Stel je eens voor, slechts vergankelijkheid… alleen maar verdriet, gemis en rouw. Stel je eens voor, slechts eeuwigheid… alleen maar oneindigheid, onveranderlijkheid. Van zowel alléén vergankelijkheid als alléén eeuwigheid gaat mijn hart niet sneller kloppen.

Warmte en licht 

In de winter deelde ik mijn vragen en gedachten bij de (on)voorstelbaarheid van de warme zon die over ons opgaat. Het was stil, koud en donker en de moed was me in de schoenen gezakt. Ik geloof niet in ‘we hebben iets te leren van het moeilijke of het verdrietige dat ons overkomt’.  Alsof God, de kosmos, of het leven allerlei nare dingen op ons pad brengt omwille van leerrendement. Ik wil je laten weten dat het licht en de warmte van de zon mij de afgelopen dagen aanstootte. Het stootte mij aan zoals het ons allemaal telkens aanstoot. Ochtend na ochtend, lente na lente, warmte en licht.

Licht dat ons aanstoot in de morgen

En als je het zelf niet kan bedenken of ervaren, omdat het je aan kracht ontbreekt? Huub Oosterhuis legt het ons in de mond met een prachtig lied:

Licht dat ons aanstoot in de morgen,

Voortijdig licht waarin wij staan
Koud, één voor één en ongeborgen,
Licht overdek mij, vuur mij aan.
Dat ik niet uitval, dat wij allen
Zo zwaar en droevig als wij zijn
Niet uit elkaars genade vallen
En doelloos en onvindbaar zijn.

Licht, van mijn stad de stedehouder,
Aanhoudend licht dat overwint.
Vaderlijk licht, steevaste schouder,
Draag mij, ik ben jouw kijkend kind.
Licht, kind in mij, kijk uit mijn ogen
Of ergens al de wereld daagt
Waar mensen waardig leven mogen
En elk zijn naam in vrede draagt.

Ik werd aangestoten. Ik hoop jij ook! Telkens weer.

(foto: Erwin Verboom)

close

Tips en inspiratie in je mailbox?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week inspiratie voor geloof en zingeving in je dagelijks leven.

Wilco met LEV
Wilco met LEV