Mooie dromen, nare dromen…hoe leer je je kind hiermee om te gaan?

Mooie dromen, nare dromen…hoe leer je je kind hiermee om te gaan?

27 november 2020 0

Eva (6 jaar) zit onder tafel. Ze vindt het een beetje spannend om ineens te praten over dromen. Ze giebelt wat en zegt dan: ‘Ik droom heel vaak over snoepjes! Dat is mijn lievelingseten. En dan ga ik naar de winkel. Mama gaat mee en die koopt ze allemaal voor me.’ Ik ben onder de indruk van haar leuke droom. Gebeurt die droom ook weleens in het echt? Eva lacht en zegt: ‘Soms. Maar niet vaak!’ Ook heeft Eva ook weleens een nare droom. Maar gelukkig niet zo vaak. ‘Die heten nachtmerries!’ zegt Eva wijs. ‘Dan word ik midden in de nacht wakker. Ik heb dan een beetje naar gevoel in m’n buik en dan ga ik naar mama. En als ik verdrietig ben dan kan ik ook overdag dromen. Dan denk ik eraan. Dat is ook dromen.’ Haar broer Jesse (8 jaar) droomt weleens dat hij een meester is. Later als hij groot is wil hij ook meester worden. Dus dan kan die droom weleens echt worden! Maar verder denkt hij niet dat als je droomt dit dan ook echt gaat gebeuren. Eva en Jesse hebben duidelijk geen nare ervaringen met dromen. 

Kinderen en dromen

Kinderen relativeren dromen niet. Ze maken onderdeel uit van hun droom, die dan ook levensecht voor hen is. Een nare droom die je als kind droomde kan dan ook jarenlang als het ware ‘opgeslagen’ zitten in je herinnering. Baby’s en dreumesen dromen niet echt in ‘verhalen’, maar in ervaringen van basisbehoeften zoals warm, drinken, knuffelen. Als ouder merk je dit aan het brabbelen in hun slaap, of wanneer je baby ineens in paniek wakker wordt.

Ouders als baken van veiligheid

Wat opvalt in het gesprek met Eva en Jesse is, dat de ouder een baken van veiligheid is voor de kinderen. Wat er ook gebeurt, papa of mama is er. En dan komt het goed. Je leert je kind wat vertrouwen is. Wat geborgenheid is. Je leeft je kind voor. Ook in geloof.

Jij maakt als ouder het verschil voor je kind. En ook als je kind regelmatig naar droomt en hier duidelijk last van heeft kun je je kind helpen. Neem je kind serieus, zonder helemaal mee te gaan in de droom. En schep voorwaarden voor je kind om rustig in slaap te kunnen vallen. Dat kan heel praktisch zijn, bijvoorbeeld een koele slaapkamer en niet teveel of te laat eten. Maar ook een rustig (maar niet langdurend) slapengaan-ritueel kan je kind helpen. Praat met je kind over de gebeurtenissen van de dag en leer je kind zijn gevoelens hierover te verwoorden. En als je kind vaak last heeft van nare dromen, verzin dan met je kind leuke dingen om over te dromen. 

Waarschijnlijk zijn er nog veel meer waardevolle tips die ouders aan elkaar kunnen meegeven. Voel je vrij om die dan ook te delen onder deze blog.

close

Meld je aan voor de wekelijkse nieuwsbrief van MijnKerk

Sandra Gaakeer
Sandra Gaakeer
Sandra Gaakeer