Nieuwe baan in de zorg: zelfvertrouwen keldert

“Waar ben je dan het meest bang voor eigenlijk?, vroeg mijn vriend ineens toen we net in bed lagen. “Dat mijn collega’s me zwak of incompetent vinden” flapte ik eruit. “Maar wat kan jou dat nu schelen wat zij vinden? Denk je dat ik jou zwak vindt?” “Nee, duuh” “Of je zussen of je vriendinnen? Dat is toch het enige dat telt?”. Nee dus.

Liefst goed èn aardig gevonden willen worden

Ik ben altijd zo geweest, realiseer ik me. Dat ik me druk maak of mensen me op het werk wel goed genoeg vinden. En liefst ook nog aardig. En helemaal als ik ergens net begonnen ben, zoals nu, in de gehandicaptenzorg op een seniorenwoning. 

Ik ben nog een groentje

Ik spring best wel in het diepe in deze nieuwe baan. In een ver verleden, 1883 ofzo, ben ik afgestudeerd als SPH’er en destijds heb ik wat jaren als hulpverlener gewerkt. Het lijkt wel in een ander leven. Maar het is voor het eerst met dit niveau en deze intensieve zorg. Ze smijten op deze nieuwe werkplek met vakjargon. De meeste collega’s werken er al minstens 10 jaar, eentje zelfs 30 jaar. Ik ben 44 maar een groentje. En dat maakt me zo onzeker als een brugpieper. 

Diep van binnen weet ik dat het me past

Er is gelukkig altijd dat waakvlammetje van vertrouwen en een stem die zegt dat het goed komt. Maar die voelt nu wel wat ver weg. Toch was ik zo zeker dat ik weer echt met mènsen wilde werken. Mensen die je kunt ondersteunen, die het leven niet in hun eentje aankunnen. Diep van binnen weet ik dat dit me past. In de meeste banen belandde ik toch weer voor drie kwart van de tijd achter de computer en was ik vooral organisatorisch bezig. Ik wilde met mijn voeten in de klei. 

Dat mooie contact met de cliënten

Dat het zó letterlijk zou zijn had ik me niet gerealiseerd. Minstens twee poepluiers in één dienst. Bedden opmaken, eten koken, mensen wassen, aankleden, heel basic. Maar dat deert me niet. Juist in die verzorging is er dat mooie contact. Bas moet keihard lachen als hij een grote drol heeft en ik ben weer de sjaak. Ik roep dan “jij, vieze stinkerd!” en hij komt niet meer bij. Of Annelies die een heel bedritueel heeft met een strikte volgorde en smurf en apie die worden toegefluisterd dat ze lekker mogen gaan slapen. En Jenny die alle liedjes kan meezingen. Ik zing “Ik ga slapen ik ben moe” voor haar en zij zingt luidkeels “moeoeoeoe!”. 

Mezelf de tijd gunnen

Ja, met de cliënten zit het wel goed. Maar het werk is intensief. De onregelmatige werktijden, de collega’s waar je je mee moet verhouden, ik moet er erg aan wennen. De grootste uitdaging is nog wel dat ik mild mag zijn naar mezelf. Mezelf de tijd mag gunnen om het me eigen te maken. Wat de anderen er ook van vinden. Want het gehalte: “Niet lullen maar poetsen” is hier hoog. Dat past mij niet zo. Hopelijk kan ik groeien en mijn eigen weg vinden. 

Herken je de hoge verwachtingen die je van jezelf kunt hebben bij een nieuwe baan? En als je in de zorg werkt, heb je dan nog tips voor mij? Ik hoor graag jullie ervaringen! Ik lees alle reacties, op Facebook en de website. Alvast bedankt! Rebecca

 

Deel dit verhaal:
Rebecca Schoon

Geschreven door:

Thema: Rebecca
25 juni 2020
Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Krijg wekelijks inspiratie en praktische tips over geloof in je dagelijks leven in je mailbox.
Wij zullen je gegevens niet aan derden doorgeven.
Nieuwsbrief